Klezmic Zirkus : 13, chemin des mandarines

Klezmic Zirkus : 13, chemin des mandarines


...
Bio and pictures Contact

Another album : Vitamine K

Klezmic Zirkus finds its identity between tradition and modernity, structure and improvisation. Its unbridled rythms apeal to the body, its soulfull melodies to the heart, its sometimes elaborated structures to the mind.
dewplayer

01 Rue des pierres

02 Vendredi 13

03 Diabolo mandarine

04 Papirosn

05 Premier matin

06 Impasse de l'avenir

07 Famaria

08 Solstice d'été

09 Montréal

10 Freylach aux fraises

11 Insomnie

top

Presentation

Just drop in at the 13, Chemin des Mandarines ; the light is soft and welcoming. A poetic song crosses the nearby rue des Pierres. One can hear in the far, the frantic brass of a freylach, the eclectic sounds of Montreal, some ritornellos with their memories still full of eastern Europe. A journey in Klezmic Zirkus 's contrasted world. Here or there. Yesterday or today. Eyes half shut or wide open. It doesn't matter, the intensity does.

As years have been passing by, Klezmic Zirkus (Aurélie Charneux : clarinets et compositions, Julien de Borman : accordion, Adrien Lambinet : trombone, Pierre Greco : double-bass and guitar, Wouter Roggemans : drums ) has created its own idiom, which has patiently matured during some 150 public performances.

Klezmic Zirkus finds its identity between tradition and modernity, structure and improvisation. Its unbridled rythms apeal to the body, its soulfull melodies to the heart, its sometimes elaborated structures to the mind. It's musicians sincerity and sinergy are delightfull to see over and over.

close

Voorstelling

Duw de deur van het nummer 13, chemin des Mandarines open : het getemperd licht onthaalt u met een liedje dat als een gedicht de nabije rue des Pierres oversteekt. We zijn in Montreal : in de verte klinkt het koper van een freylach, de elektrische klanken waar Oost Europa in schuilt. De reis van Klezmic Zirkus klinkt vol contrasten uit kontrijen van her en der, van gisteren en vandaag, intens ...

Met de jaren heeft Klezmic Zirkus, (Aurélie Charneux : klarinets en komposities, Julien de Borman : accordeon, Adrien Lambinet : trombone, Pierre Greco : contrabass and guitar, Wouter Roggemans : drums ) dag na dag, ongehaast en met de ervaring van een 150 tal live-optredens een nieuwe taal ontwikkeld.

Klezmic Zirkus vaart een eigen weg tussen traditie en hedendaagsheid, gestructureerde muziek en improvisaties. Ongebreidelde ritmiek raakt je benen, adembenemende melodieën bewegen je hart, welgedachte composities spreken je brein aan. Oprechte muzikanten geven op het podium hun talent kado : om er van te genieten.

close

Présentation

Poussez la porte du 13, chemin des Mandarines : la lumière est accueillante et tamisée. Une chanson poétique traverse la proche rue des Pierres. Au loin résonnent les cuivres effrénés d'un freylach, les sons électriques de Montréal, des ritournelles qui se souviennent de l'Europe de l'Est. Voyages au pays contrasté de Klezmic Zirkus... Ici ou là-bas. Hier ou aujourd'hui. Les yeux mi-clos ou grands ouverts. Peu importe, c'est l'intensité qui compte...

Au fil des années, Klezmic Zirkus (Aurélie Charneux : clarinettes et compos, Julien de Borman : accordéon, Adrien Lambinet : trombone, Pierre Greco : contrebasse et guitare, Wouter Roggemans : batterie ) a développé un langage qui lui est propre, peaufiné patiemment au fil de quelque 150 apparitions en public.

Klezmic Zirkus trouve son identité entre tradition et modernité, entre structure et improvisation. Ses rythmes débridés parlent au corps, ses mélodies chargées d'émotion parlent au coeur, la structure parfois élaborée de ses morceaux parle à la tête. La sincérité de ses musiciens, leur synergie sur scène font plaisir à voir et à revoir.

close

Dani Heyvaert - rootsville.be

Ik had het er elders al over, dat er in Wallonië geweldig knappe muziek gemaakt wordt (zie recensie Turdus Philomelos), en één van de absolute toppers - hoewel zelfs binnen het "speciale" wereldje nog een buitenbeentje- is dit vijftal rond de klarinetten van Aurélie Charneux, het accordeon van Julien de Borman, de trombone en tuba van Adrien Lambinet en de ritmetandem Pierre Greco (bas) en Wouter Roggemans (drums). Ik heb zelden een meer omineuze groepsnaam gekend dan deze Klezmic Zirkus: Klezmermuziek, wat, zoals u ongetwijfeld weet, staat voor feestelijke Jiddische muziek, in dit geval overgoten met, deuntjes, riedeltjes, ritmes en roffels die zo uit het repertoire van een live circusorkest hadden kunnen komen. Dat is zowat de opsomming van het materiaal waarmee deze jonge honden aan de slag gaan.

Vanzelfsprekend levert dit niet meteen kinderliedjes op: sommige nummers zijn behoorlijk complex van structuur, sommige ritmes variëren rapper dan uw en mijn schaduw, sommige melodieën vertonen behoorlijk uit de kluiten gewassen weerhaken, maar één ding staat buiten kijf: dit IS erg feestelijke muziek, voor wie wil luisteren met alles wat hij heeft: hart en ziel, hoofd en benen en ongeveer alles wat er tussen zit, hangt of staat. Muziek voor lijf en leden, dus. Niet altijd even makkelijk te doorgronden, maar wie oren heeft om te horen en wil luisteren...zàl horen. Drie traditionals (Papirosn, Famaria en Freylach aux fraises), zes nummers van Charneux en eentje van Lambinet, da's't menu. De kruiden staan binnen handbereik en ze heten: virtuositeit, muzikaliteit, zin voor melodie en gezonde gekte. Dat je daar een behoorlijk onweerstaanbaar stoofpotje mee kunt klaarmaken, zal u niet verbazen. Begint u vooral met de traditionals, die zijn ideaal als opstapje naar het iets moeilijker werk. Maar gun uzelf vooral deze uitstap: u zal er mij ooit dankbaar voor zijn en de begrippen "vrolijk", "blij" en "feestelijk" zullen nooit meer dezelfde zijn als voorheen!!

close

Gerald Van Waes - psychemusic.org

Since the last record by Klezmic Circus with this new release they have climbed upon a more serious stage setting. All tracks were composed by the clarinet player, Aurélie Charneux. And they sound like a bit of a walking step journey with story-line, travelling through a city with some more or less inviting or hanging images, while the walking step is of a Klezmic nature, the improvisations remain of a rather open nature, while the new theme elements hardly ever dominate.

On "Montréal" however, after a second listen it became clear how the traffic and busy city life and city sounds were imitated with sounds of trombone and such, becoming descriptive like ants of traffic, while this theme remains mixed with the usual Klezmic musical themes. There are more up tempo almost danceable moods, but also more descriptive, slowly developing moods led by a lower tuned clarinet or accordion. The contrasts of arrangements, of clarinet mixed with accordion, the attractive lower tuned trombone or tuba, bass and drums give a rich range for the fluent improvisations. Surprising are also the few electric guitar arrangements (occasionally wahwah or slide guitar on 3,8 and 10).

Another great addition are the contributions by guest singer Zahava Seewald, who introduces spoken word on the first tracks, and a bit of padapaa later on.

close

Holly Moors - moorsmagazine.com

Klezmic Zirkus is vooral de band van klarinettiste extraordinaire Aurélie Charneux - zij schreef het merendeel van de composities en bemoeide zich uitgebreid met de opnames. Maar we zien in deze band ook de superaccordeonist Julien de Borman (die we ook al bewonderden in Turdus Philomelos) en trombonist en tubaspeler Adrien Lambinet (die ook een compositie leverde: Montréal, waar je hier een fragment van kunt horen). Drummer Wouter Roggemans en bassist/gitarist Pierre Greco complementeren deze avontuurlijke Belgische folkband. Gaste Zahava Seewald voegt met haar avantgardistische zang nog een bijzonder element toe.

De muziek op hun nieuwe cd 13, Chemin des Mandarins is geëvolueerd sinds hun vorige album, en nog geraffineerder en spannender geworden, terwijl het karakter, de kern, van de klezmer behouden is gebleven - vrolijke melancholie, treurige vitaliteit. Klezmic Zirkus gebruikt de klezmer weliswaar als uitgangspunt, maar gaat daarmee volledig haar eigen avontuurlijke weg, waarbij oosteuropese invloeden en eurojazz gecombineerd worden met fanfare en arabische haremklanken. De band creëert daarmee haar volstrekt eigen geluid, en als je als luisteraar bereid bent met open oren te luisteren staat je een magnifieke muzikale trip te wachten.

Een adembenemend mooi plaatje, dames en heren!

close

Sefafolk - folkroddels.be

De 'VITAMINE K' die ze ons en henzelf ruimschoots toegediend hebben met hun debuutalbum heeft KLEZMIC ZIRKUS duidelijk geen windeieren gelegd. Met '13, CHEMIN DES MANDARINES' komen ze nog rijper, sterker en origineler voor de dag. Spilfiguur hier is Aurélie Charneux (klarinetten en huiscomponiste). Met haar zoeken ze hun eigen spoor te trekken vanuit de traditie, in een heel eigentijds landschap van muzikale structuren en improvisaties.

Aurélie Charneux dienen we te situeren in de conservatoriummilieus van Bergen en Luik. Met de notenleer nam ze er onmiddellijk de klarinet bij (later ook piano) en behaalde na een lange leerschool hogere diploma's voor klarinet en kamermuziek. Ondertussen verdiept ze zich in geïmproviseerde muziek bij meesters als Michel Massot en Garrett List. Bij deze laatste is ze te horen in het GARRET LIST ENSEMBLE. Ook vinden we haar terug in de Sefardische groep ZOHARA. In de wereld van de kunstmuziek vinden we haar dan ook terug in producties van de OPÉRA ROYAL DE WALLONIE. Ze maakt ook deel uit van het ensemble ATON en de NOUVELLE MUSIQUES DE CHAMBRE DE LIÈGE. Met Adrien Lambinet vormt ze voorts het duo ABYSSES een soort labo voor klankonderzoek, en ze is oprichtster van KLEZMIC ZIRKUS. Ze componeert een groot deel van de muziek voor deze groepen alsook voor CRAC BOUM RUE en de zangeres CHLOÉ PÉRILLEUX. En alsof dit alles nog niet genoeg is is ze ook nog actief als vertolker en componist voor soundtracks van korte films en spektakels. De improvisatie laat ze tenslotte volop zijn gang gaan in het kwartet BAMBEEN GREY.

Ook Adrien Lambinet onderging een doorgedreven klassieke scholing op trombone en in de kamermuziek en is speelde reeds in meerdere producties van het ORCHESTRE PHILARMONIQUE DE LIÈGE, het THÉATRE NATIONAL, het ICTUS ENSEMBLE, MUSIQUES NOUVELLES, ART ZOYD en het GARRETT LIST ENSEMBLE. Ook hij schrijft voor de straatvoorstellingen van de minifanfare CRAC BOUM RUE en het duo ABYSSES. Tenslotte voelt hij zich heel goed thuis in disciplineoverstijgende projecten waarin bijvoorbeeld muziek en theater elkaar ontmoeten.

Julien DeBorman buigt zich van toen hij de kleuterklas verliet over het diatonisch accordeon (hij vertoefde zo'n tien jaar onder de vleugels van Françoise Ryelandt, zocht Ierse einders op en onderging stages bij Didier Laloy, Steve Houben en een manouche grootmeester op het chromatisch accordeon Max Marcilly, en versierde reeds heel wat pluimen op zijn hoed binnen diverse (bal)folkgroepen. Ook aan CAMAXE verleende hij reeds zijn inspiratie. Hij is daarnaast oprichter van en componist voor het avantgardistische TURDUS FHILOMELOS en durft zich al eens onder de galicische zangeressen van IALMA begeven wanneer Didier Laloy even moet bekomen.

Gitarist van dienst is Pierre Greco, zowaar een autodidact, die zich wat later ook ging meten met de contrabas en hiervoor ondermeer in de leer gaat bij André Klenes en op de jazzafdeling van het Lemmensinstituut te Leuven. In Luik gaat hij proeven van de klassieke muziek, waarna hij zijn muzikale horizonten gaat verruimen via ontmoetingen met het franse chanson, de jazz en de wereldmuziek.

Wouter Roggemans wisselde tenslotte de dwarsfluit voor percussie, waardoor ook hij aan het conservatorium van Luik aanbelandde waar hij onder handen werd genomen door Michel Massot, Jean-Pierre Peuvion, Vincent Royer en...Garett List (alweer). Nog meer perfectie ging hij vervolgens zoeken bij Stefan Pougin en Bruno Catellucci. Naast KLEZMIC ZIRKUS maakt hij voorts het jazzkwintet LUNA BONG, de batucada-fanfare COMPASS, de Italiaans-traditionele groep MUSICA DAL VIVO, een fusiegroep SHANTARAM (een mengeling van jazz, traditionele oost-europese muziek en eigen composities) en nog een handvol andere jazzbezettingen onveilig. De andere dag is hij dan weer te vinden in ELEPHANT LEAF die het over de boeg van rock, pop en trip hop gooit.

Hoeft het nog gezegd te worden dat we hier uiteindelijk met een schare muzikanten te maken krijgen die niet voor één genre te vangen zijn, maar zich laven aan een breder akoestisch spectrum dat hen karrenvrachten inspiratie oplevert. Deze veelzijdigheid laat zich dan ook onmiddellijk gevoelen binnen de artistieke keuzes die ze maken met KLEZMIC ZIRKUS, waar ze balanceren tussen de traditie en de eigentijdse muzikale structuren, jonglerend met compositie en improvisatie.

Wanneer de deur van '13, CHEMIN DES MANDARINES' zich opent weerklinkt onder de sonore bassen van het accordeon en de unisono's op de kopers, de iele poëzie van 'Children always dying' van Aaron Zeitlin (in een vertaling van Richard J. Fein) in 'Rue des Pierres', een nummer dat zich geleidelijk ontspant en zo ontsnapt aan de schrijnende boodschap van de inzet. Zo treden we binnen in een weldoende schemerverlichting van een obscuur minitheater. We bevinden ons in Montréal, waar in de verte de ijzige kopers van een freylach weerklinken, de haast electrische klank van deze stad, met ritournellos die overgewaaid komen uit Oost-Europa. Meteen wordt het duidelijk dat hier ook ernst geboden is, en vatten we een haast cinematografische tocht aan, aarzelend het noodlot tartend in 'Vendredi 13' dat inzet met een hortende dialoog tussen klarinet en kopers, waarna de contrabas hen op klezmerthema's brengt, die ons voor we het goed beseffen aan het dansen brengen, in een beweging die abrupt afbreekt wanneer gaste Zahava Seewald een schrille klaagzang aanvat, die culmineert in een moment van instrumentale chaos, waarna we terug voet aan de grond krijgen in stevige oost-europese ritmes.

Nog helse ritmes overvallen ons in ' 'Diabolo Mandarine', en voeren ons paradoxaal naar een stuk rust en bezinning in het vanuit een stemvervormer gescandeerde gedicht 'Each man has a name' van Zelda, dat ik ongewild ga associëren met de Holocaust. Dit zwaarwichtige thema wordt vervolgens elegant weggeblazen met een persoonlijke interpretatie van de lichtvoetige traditional 'Papirosn', dan ons ongecompliceerd in ware dans- en circusstemming voert en ons het voortschrijden van de nacht in de kroeg doet vergeten.

Toch is er steeds weer die 'Premier matin' de eerste ochtend erna waarin de klarinet ons begeleidt door dof gedreun doet ontwaken in een oriëntaals gekleurde sfeer, waarna de zware bassen van contrabas en de accordéon ons op weg helpen in een luie dag. Hierbij aansluitend worden we uitgenodigd om ons even weemoedig te buigen over de 'Impasse de l'avenir' en bieden ze hierbij zelf een aanzet tot een oplossing. Tijd om ons vervolgens op te vrolijken met een dissonante voorzet op een wervelende, swingende traditional 'Famaria' waarin ze ons het hoofd doen duizelen met de voortdurende tempowisselingen (en meteen een lesje geven in het belang van rusttekens binnen een melodie),... vingers kruisen dus om niet uit de bocht te gaan tijdens deze helse rit.

Iets rustiger begeleidt de accordeon ons daarna in 'Solstice d'été' naar een rustiger dansthema verglijdend in meer bluesy gekleurde slidegitaarthema's in een overgang naar experimentelere duivelse, kakafone passages. Daarna worden we vergast op de enige compositie van Adrien Lambinet op deze schijf, een rit door 'Montréal', ons confronterend met het drukke verkeer (even weerklinken zelfs de sirenes van een urgentievoertuig) en het jachtige leven, terwijl alsnog her en der de klezmergeluiden de stadsgeluiden gaan overstijgen. Ook hier breken de improvisaties de melodie open.

Met 'Freylach aux fraises' laten ze ons andermaal genieten van de flitsende ritmiek uit de feestelijke klezmertraditie, waarop ze vervolgens vrijuit gaan improviseren, waardoor ze het oorspronkelijke thema telkens weer in andere subtiele figuren verknippen. Op de rustige ritmiek van contrabas helpen ze ons tenslotte uit de 'Insomnie' met een heel rustig voortdeinend pareltje dat ons de ogen doet sluiten en de oren spitsen om elke noot te vangen.

Dit is het soort muziek dat je de kans biedt om alle facetten van je bestaan te triggeren, een stuwende ritmiek die je fysiek in beweging houdt, beklijvende melodieën die raken aan de gevoelens en doordachte composities, die ook het reflecteren over de structuren stimuleren. De virtuositeit, muzikaliteit, zin voor melodie, gezonde gekte en eerlijkheid van deze muzikanten èn de synergie die ze scheppen in hun samenspel maken dit concept tot een lovenswaardig avontuur.

close

Koos Gijsman - altcountryforum.nl

Al is de basis van hun repertoire duidelijk klezmermuziek, het verhindert de musici op deze cd niet elementen uit de jazz en zigeunermuziek toe te voegen aan het vertrouwde klankgebied van voornoemde stijl.

Centrale figuur is de klassiek geschoolde componiste en klarinetvirtuosa Aurélie Charneux. Zij en haar eveneens klassiek geschoolde collega-musici bewijzen dat de extra aandacht voor improvisatieles op de Belgische conservatoria zich dubbel en dwars uitbetaalt. Aan het boeiende spel van klarinet, gitaar, trombone, tuba, drums en accordeon (wederom Julien de Borman) voegt gastzangeres Zahava Seewald haar woordloze zangpartijen toe. De directe, onopgesmukte wijze van opnemen zorgt ervoor dat alle aandacht op beide cd's geconcentreerd is op de pure klanken van de muziek.

Dat is ook precies wat producer Michel van Achter voor ogen staat als hij plaatsneemt achter het instrumentarium in de studio.

close

Frédéric Gerchambeau - Ethnotempos

A la base du KLEZMIC ZIRKUS est bien sûr le klezmer, ce genre traditionnel de musique juive ashkénaze connu dès le 15ème siècle et dont les origines se perdent entre Moyen-Orient, Europe de l'Est et Europe Centrale. Et ce n'est sûrement pas par facilité que les jeunes membres de cette formation ont choisi de plonger dans ce style plutôt complexe et enlevé. Il faut de la passion pour aborder sans les trahir les rives mélancoliques du klezmer et il faut du talent pour débrider son instrument à l'approche d'un freylach effréné.

C'est que, justement, les musiciens du KLEZMIC ZIRKUS ne sont pas les premiers venus. En tête de liste vient Aurélie CHARNEUX, la fondatrice du groupe et sa clarinettiste émérite. Puis viennent, Julien de BORMAN à l'accordéon diatonique très tonique, Adrien LAMBINET au trombone, Pierre GRECO à la contrebasse et Wouter ROGGEMANS à la batterie. Autant vous dire que tous ces musiciens-là n'ont pas attendu le nombre des années pour devenir des maîtres dans leur genre et que leur association au sein du KLEZMIC ZIRKUS fait de ce groupe un véritable repaire d'experts, pour le plus bonheur de nos oreilles.

Et c'est au point qu'ils ne se sont pas contenté, loin de là, de reprendre la tradition musicale du klezmer point par point, ils lui ont aussi rajouté du jazz, du rock et même du reggae. Et cela fonctionne à merveille, le klezmer étant lui-même une musique de mélanges. De toutes façons, dans le klezmer, ce qui compte, c'est l'enthousiasme et l'énergie. Et le KLEZMIC ZIRKUS en a à revendre! D'ailleurs ce groupe liégois formé lors des Nuits Nomades 2006 multiplie depuis les concerts ébouriffants et généreux. Plus de 150 à ce jour. Bien sûr les puristes du style en sont pour leurs regrets. Mais sinon, attention concerts jubilatoires à la bonne humeur hautement communicative! De fait, on ne sait plus très bien pendant leurs concerts si le KLEZMIC ou le ZIRKUS qui est le plus important tellement le sens de la fête est à l'honneur durant leurs prestations.

Au coeur de leurs albums, c'est plus nuancé. La subtilité et l'émotion reprennent leurs droits. Et 13, chemin des Mandarines est dans la droite ligne de ces albums à la fois riches et raffinés, plus profonds qu'il n'y paraît au premier abord, où l'acoustique à la papa copine avec l'électrique sophistiqué et la joie pure pleure aux côtés de la mélancolie délicate. Synergie, sincérité et talent, voilà résumé le KLEZMIC ZIRKUS. A vous maintenant d'y prendre plaisir !

close